Gedichten


  • Ontscheppingsverhaal

    de rusteloze mens verwierf terrein
    en plaatste grenzen om de ander
    weg te wijzen te verdrijven

    die eerste dag

    dan de dieren tot voer gekist vermalen
    onherkenbaar opgediend waar niemand
    meer een naam aan gaf

    die tweede dag

    het water opgevuld met plastic opgepikt
    naar wolken wemelend doods
    voor eeuwig onafbreekbaar

    die derde dag

    de sterren verbleekten in het licht
    van alle werkers die hun nachten
    op dagen lieten lijken

    die vierde dag

    het water spoelde weer over
    het ooit verworven land en zaad
    kwam niet tot bloeien

    die vijfde dag

    het uitspansel boven de hoofden
    raakte langzaam aan de aarde
    waar nauwelijks onderkomen was

    die zesde dag

    tot de warme deken voor de zon
    getrokken werd en de mens zichzelf
    sussend zacht in slaap liet wiegen

    die laatste dag

    er waren allang geen goden meer
    waar mensen nog aan hechtten
    niemand zag dat het genoeg was

    die laatste kans


  • Uitgesproken

    ik zou zo graag nog
    nog één keer maar
    één keer terug
    naar het moment
    die ene keer
    dat ene moment
    met jou
    wij samen
    om in die ene keer
    jij en ik
    zonder te haperen
    zou ik graag
    in duidelijke taal
    die eerste keer
    willen zeggen
    wat jij al jaren weet
    en ik behendig
    omzeil

    dat zou ik willen
    als betere begin
    van wat al goed
    begonnen was

    om te behouden
    wat ik maar niet
    voor lief kan nemen


  • Zondagochtend vroeg

    een goederentrein raast
    gemoedelijk door
    geluid in de verte
    de vogels nabij
    de buurman zijn fiets schiet
    het slot van het slot
    een sirene politie brandweer
    ambulance misschien
    het liefste ligt naast me
    en ademt gelukkig


  • Eeuwig

    zoals jij je vaker
    in al die jaren
    opnieuw naast me uitspreidt
    en ik me op mijn zij draai
    in een beweging
    die ik eindeloos herhalen zal
    die ik eindeloos geoefend heb
    met jou
    met jou alleen

    hoe mijn hand
    jouw lichaam leest
    mijn tong jouw mond
    tot geluiden drijft
    mijn vingers de grens aftasten
    met mijn oren gespitst
    op de signalen om
    verder af te dalen
    op zoek naar de ruimte
    die zich voor mij opent
    alleen voor mij
    als jij er klaar voor bent
    of gespitst op de opdracht om
    juist bij je nieuwsgierig opgerichte
    tepels blijvend dralend rondjes draaiend

    zoals jij mij terugleest
    in de echo van jouw gerucht
    die van mijn huid afkaatst
    je zachtjes naar me grijpt
    en me altijd snel te vinden weet
    hoe jij mij naar je toedwingt

    zoals wij elkaar opnieuw ontdekken
    in elke zo bekende houding
    als we elkaar nader komen
    jij mij aantrekt
    en ik naar binnen ga
    wij samengeklonken
    in beweging blijvend
    tot we in ons zuchten klaar
    en zonder woorden
    even sterven en
    besluiten de geschiedenis
    te verlengen
    tot de dood ons scheidt


  • Hee Wout (een rubliw)

    Wouter van  Heiningen blogt over poëzie op zijn website Zichtbaar alleen. Hij bracht de versvorm ‘rubliw’ onder mijn aandacht. Ik kon het niet laten gepast te antwoorden.
    Zie hier wat een ‘rubliw’ inhoudt: https://woutervanheiningen.wordpress.com/2018/07/12/rubliw/ en grasduin vooral verder op die site!

    Hee Wout

    Hee Wout
    een strak gedicht
    uit jambes opgebouwd,
    dat neemt men toch niet al te licht,
    raakt snel met lettergrepen volgestouwd.
    Een ritmisch lastig evenwicht.
    De inhoud laat me koud.
    De vorm, ik zwicht,
    is goud!