Te recuerdo Amanda

Midden in de nacht komt het gehuil van de baby nog harder over. Niemand van de buren heeft gelukkig nog geklaagd, maar het is bijna niet voor te stellen dat ze niets horen. Een flat kent vele buren.
We hadden er naar uitgekeken, eindelijk een gezin. Niet hij en ik, maar wij samen. De baby zou ons nog dichter bij elkaar brengen. De geboorte was een feest. Victor kwam sneller dan we op basis van de boekjes hadden verwacht. De pijn -die ondraagelijk leek- was ik al snel weer vergeten. De eerste weken brachten we in een redelijke rust door. Manuel kon een paar dagen vrij nemen en mijn beste vriendinnen helpen me waar ze kunnen.
Maar op het gehuil was ik niet voorbereid. Zolang ik met hem blijf lopen is er niets aan de hand. Als ik ga zitten of als ik hem wegleg begint hij direct met een zacht gemopper dat al snel overgaat in gekrijs. Het kan geen honger zijn en de dokter heeft me verzekerd dat Victor kerngezond is.
‘Soms kan het gebeuren mevrouw. Zorg er voor dat u en uw man ’s nachts goed afwisselen.’
Doktoren en verpleekundigen hebben makkelijk praten. Net als alle anderen, die je bestoken met goedbedoelde maar vaak tegenstrijdige adviezen.
‘Gewoon laten huilen tot hij stopt. Je verwent hem teveel.’
‘Een baby kan je het eerste half jaar niet verwennen. Gewoon oppakken en troosten hoor.’
‘Jij bent zijn moeder, je voelt zelf wel aan wat het beste is.’
Vooral aan dat laatste twijfel ik. Ik mis mijn eigen moeder, die mooie verhalen over haar jeugd kon vertellen. Een jeugd die ik ook kende voordat ik hierheen kwam. Van familie die te pas en te onpas het huis binnen kwam lopen en meezorgde en mee-at. En van familie die achteraf helemaal geen familie bleek te zijn, maar wel zo aanvoelde.
‘Duerme, duerme negrito’, zing ik zachtjes.
Niet zozeer om Victor in slaap te zingen. Ik wil de stilte wegzingen zonder de baby te wekken.
Meer dan de helft van mijn leven woon ik in dit land. Ik spreek de taal vloeiend, heb de nationaliteit aangenomen en betrap me erop dat ik ook veel gewoontes heb overgenomen. Ik mopper in stilte op een buschauffeur die twee minuten te laat is. Vroeger kwam de bus bij ons huis rond een bepaald tijdstip, daar kon makkelijk een kwartier verschil bij ontstaan. Als de bus al reed, want in het regenseizoen konden er grote gaten in het wegdek geslagen worden waar geen bus doorheen kwam.
Manuel is weg. Hij belt me elke dag.
‘Amanda lief, hoe is het?’
‘Goed Manuel. Ik mis je. Victor mist je vast ook. Hoor maar hoe hij huilt. Hij huilt altijd als jij belt.’
‘O Amanda, ik kom zo snel mogelijk en dan neem ik de zon van ons geboorteland mee naar huis.’
Ik vertel hem niet dat Victor inmiddels altijd huilt en niet alleen als hij belt. Hij gebruikt steeds vaker Spaanse woorden in zijn zinnen. Dat is niet vreemd, hij is terug. We hebben afgesproken dat Victor tweetalig wordt opgevoed. Ik spreek altijd Nederlands met hem, Manuel zal overwegend Spaans met hem spreken. Liedjes tellen gelukkig niet mee. Ik ken tientallen liedjes die ik voor mijn zoon zal zingen.

Manuel moest lang wachten op een visum, zijn verleden maakte een terugreis bijna onmogelijk. Toen hij eindelijk een visum had, was Victor er ook. Het verscheurde hem. Ik heb hem zelf aangemoedigd te gaan.
‘Drie maanden overleven we wel.’
‘Zeker weten mijn lief?’
‘Zeker weten!’
De reis is onderdeel van het herstellen van een geschiedenis. Ik besef me dat heel goed. Zonder je geschiedenis goed te kennen zal je je toekomst moeilijker vorm kunnen geven. Ik heb zijn geschiedenis aangehoord en hij de mijne. Maar werkelijk kennen doen we elkaars verleden niet. Dat maakt het vreemd. Terechtgekomen in dezelfde plaats, bijna dezelfde leeftijd en allebei uit families op de vlucht, geankerd in dit kleine, drukbevolkte land. En toch een heel verschillend verleden. Natuurlijk zijn er overeenkomsten, maar die maken de verschillen soms nog groter. De buitenwereld ziet ons als mensen met eenzelfde achtergrond, ze moesten eens weten. Maar uitleggen kan ik ze het niet goed. Misschien wil ik het niet eens.
Manuel heeft een paar ooms en tantes ontmoet, die hij vaag van foto’s kende. Ze hebben hem veel over zijn vader verteld.
‘Niet alleen maar mooie dingen’, stelde hij tevreden vast.
‘Mijn vader begint van zijn voetstuk te vallen en hij wordt op een nieuwe sokkel geplaatst. Eentje die stukken beter bij hem past’, vertelde hij mij over de telefoon.

Ik kijk uit het raam over de stad, waar ik in de verte de verlichte kerktoren zie. Zachtjes wieg ik heen en weer. Toen we hier kwamen wonen wist ik het meteen, dit is mijn stad. Hier blijf ik voor lange tijd. Manuel is daar minder uitgesproken over, maar hij zegt dat hij woont waar zijn liefde woont. Hij zal hier wel blijven.
Straks moet Victor aan de fles. De borstvoeding zette niet door. De voeding klaarmaken is een spannend moment, want de kans dat hij wakker wordt is groot. Ik hoop dat hij na het eten een poosje door kan slapen. Drie uurtje slapen is de laatste tijd zeer gebruikelijk. Gelukkig kan ik dankzij mijn vriendinnen overdag wat bijtanken.
Ik verschik Victor in zijn draagzak, zodat ik mijn handen vrij heb om de fles te maken. Als ik bezig ben gaat de telefoon. Ik schrik en ik weet meteen dat het Manuel moet zijn. De angst vliegt me om mijn hart.
‘Hallo met Amanda.’
‘Amanda, met Manuel. Ik mis je. Ik houd van je. Ik mis Victor. Ik kom terug.’
‘Manuel wat zeg je allemaal? Je bent nog geen twee maanden weg. Wat wil je dan?’
‘Ik wil naar jullie Amanda.’
We spreken elkaar nog geen vijf minuten, maar mijn glimlach kan niet breder zijn. Buiten zijn de straten nat van de regen. Het deert mij niets. Er zijn mannen zoals Manuel nooit teruggekeerd, maar hij wel.

Dit verhaal werd naar aanleiding van een foto geschreven in het kader van een schrijfwedstrijd. Het is ontstaan naar aanleiding van de foto van Jan Kees Helms.
De titel verwijst naar een lied van Victor Jara dat ook op YouTube te vinden is: klik hier

Foto van Jan Kees Helms
Foto waarop dit verhaal geïnspireerd is.

Geplaatst

in

Tags:

Reacties

Eén reactie op “Te recuerdo Amanda”

  1. Jolka avatar

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *