Als ik snel loop kunnen we nog mee. Toch houd ik mijn pas in. De deur van de lift gaat weer open, omdat er een hand tussen gehouden wordt. Ik duw de rolstoel naar binnen.
‘Hoe vond je de muziek?,’ vraagt de man.
Hij kijkt staand mijn zoon recht in de ogen. Dan volgt het onvermijdelijke.
‘Hee, wat ben jij een klein mannetje!’ schreeuwt hij met een vrolijke stem, ‘Zo klein heb ik ze nog nooit gezien!’
Ik probeer niet te blozen. Hoe ga ik hiermee om?
‘Die meneer stelde je een vraag hoor.’
‘Ja, dat kleine mannetje vroeg of de muziek leuk was! Ik heb ontzettend genoten!’
Ik voel me in die kleine ruimte degene met de grootste beperking.
Optreden.
Tags:
Reacties
Eén reactie op “Optreden.”
-
De grootste beperking zit inderdaad vaak in onszelf, en groeit naarmate wij opgroeien (en ons meer bewust worden van de zogenaamde regels). Mooie beschrijving en ijzersterke slotzin!
Geef een reactie