Laveren.

Hier zit ik dan te staren door de ruit
en zie de fietsers door de regen heen
hun weg vervolgen. Lichaam diep ineen.
Haal na haal bewegen zij vooruit.

Wind slaat en striemt bij vlagen zeer gemeen,
beukt op de neus en blaast het snot eruit.
Spuug en regen mengt zich op de huid
en ik zit binnen, warm en heel alleen.

De zomer samen praten in de zon
van liefde en hoeveel ik van je hou
ik noem je schatje, liefje, honnepon.

Toen kwam de herfst daarna de winterkou.
Het blijft de liefde die hier overwon
ik pak mijn fiets en ga op weg naar jou


Geplaatst

in

Tags:

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *